vrijdag 7 februari 2014

Fietsen in Schotland in het voorjaar

Van de drukte van Edinburgh rijden we langzaam de wildernis in. Via Fort Wiliam hoppen we over Mull naar Oban, het eindpunt van deze fietstocht. Eerst fietsen we door stadsstraten tussen dubbeldekkers en koffiebarretjes. Dan rijden we over de drukke wegen rond de stad en komen de eerste “hills” in beeld. Het landschap verandert van gezellige groene weides naar ruige hellingen met mekkerende schapen. De weggetjes worden smaller, het landschap woester. Het is begin mei en het is koud. Met capuchon en handschoenen aan zit Fosse op zijn aanhangfiets. Het weer, een belangrijke factor in Schotland, varieert van hagelbuien en harde wind tot zomers zonnig.


Over de Queensferryroad rijden we Edinburgh uit. De weg is druk, maar op het moment dat het echt snelwegachtig wordt is er gelukkig een fietspad. In Queensferry liggen twee grote bruggen over de Firth of Forth. We rijden er onderdoor en ze torenen hoog boven ons uit. Kleine speelgoedtreintjes rijden eroverheen. Tussen de bruggen ligt het kleine dorpje met keienstraatjes en cafés met uitzicht op het water en de bruggen. De treinenbrug is mooier, maar wij moeten over de autobrug. Twee grote pijlers, veel wind en de eerste hills in de verte. Aan de overkant is de weg naar het noorden klein, maar vol razende vrachtwagens en veel autoverkeer.

Pas de volgende dag komen we op fietsvriendelijkere weggetjes: rustige landweggetjes door groene heuvels. We worden nu niet meer ingehaald door dubbeldekkers en forenzen, maar jeeps en een enkel sportautootje met open dak. Medefietsers zijn zonder uitzondering super vriendelijk en gekleed in fluorescerend geel. Spontane types met een vrolijke lach. Van de eerste man, die ik bijna omver fiets omdat ik vergeet links te houden, tot de dame in de bakkerij van Muckhart. Deze kwieke dame heeft net twee weken geleden een hele nieuwe knie gekregen en verteld dat ze pas in Nederland wil gaan fietsen als ze tachtig is en geen berg meer op komt. Schotten zijn bikkels, dat is wel duidelijk. Bij de eerste straal zon doen ze of het tropisch warm is. Terwijl wij nog in vol ornaat rondfietsen lopen de Schoten al met blote bast en korte broek.

Via Comrie en Aberfeldy rijden we naar het noorden. Steeds is er een nieuwe heuvelrij om te bedwingen. Het landschap is ruig, de bergen zijn bruin en kaal. We fietsen door hagelbuien en een ijzige wind. Het weer is echt een item in Schotland, zeker begin mei. Het ene moment brand de zon op je rug en lopen de zweetstralen over je lijf, het andere moment rijdt je door hagelbuien over een kille noordhelling. Fosse zit compleet ingepakt op de aanhangfiets. Capuchon omhoog en wanten aan! In Rannoch staat een oer Brits hotel met fauteuils met oren, schotsgeruite vloerbedekking en keuvelende dames. We drinken warme chocolademelk in een wijnglas met marshmallows en warmen onze voeten. We laden ons op voor een tijdrit langs Loch Rannoch. Een rit naar het eind van de wereld. Tenminste het eind van de weg. De weg loopt straks dood met op het eindpunt een klein stationnetje dat ons een uitweg biedt. De trein gaat om 15.08 en daarna pas weer om 21.08. We zoeven langs het meer, met de klok in ons hoofd. We passeren strandjes, maar hebben geen tijd voor pauze. Aan het eind een klim naar een soort hoogvlakte. Oei, gaan we het wel halen? Pas op het laatste moment zien we het stationnetje liggen. We zijn toch nog een half uur te vroeg. Dan komt het kleine treintje aangereden. Vanwege Bankholiday is het bomvol. Maar de zeer behulpzame conducteur, die eerst nog neeschuddend uit de trein stapte, begint met bagage te schuiven en slepen om ons en onze fietsen in de trein te krijgen. Als we eindelijk zitten kunnen we zonder kou en haast genieten van het landschap.
Het landschap ten westen van Fort William is een verzameling hills en loch’s. Land doorsneden met water dat overgaat in water doorsneden met land. Gele brem fleurt de legerkleurige hellingen op. De gewone pont naar Corran is kapot. De reservepont is vol vakantiegangers, iedereen wil naar buiten. We varen rustig richting het witte vuurtorentje van Corran. Langs Loch Sunart loopt een smal weggetje dat continu op en neer gaat. De singletrackroads zijn wennen. Kom je net van een goeie afdaling moet je een passeerplaats inschieten en vol in de rem om een auto voor te laten. Het is mooi weer en met het water dichtbij krijgen we een strandgevoel. Met een ijsje zitten we aan het water. Het water ziet er uitnodigend uit, maar is ijskoud merken we bij het krabbenvangen tussen de rotsen. De krabben kietelen aan je hand en schuifelen zijwaarts je mouw in.

De volgende dag hobbelt de weg door langs het Loch. Een boog van eiken met frisgroene blaadjes boven het smalle weggetje. Vogels zingen, hebben het voorjaar in hun bol. De koekoek laat zich veel horen en makkelijk herkennen. Een roodborstje vloog gister de tent in. De weg gaat omhoog en omlaag en af en toe staan er een paar huizen. In Glenmore is een visitorscentre met homemade cake en warme chocola met marshmallows. Twee fragiele dametjes zitten aan de thee. Ook “on holiday”. Ze wensen me een goede reis en veel wegen naar beneden.  Soms is het even drukker met auto’s, als er net een pont is aangekomen. Dan moeten we hard doorfietsen bergop om een passeerplaats te bereiken. Een vrouw in een auto die ons passeert draait haar raampje open en roept: Fantastic!!!! Een pasje over langs Loch Mudie, schapen rondom, in de verte Skye. De afdaling staat vol bloeiende brem met een bedwelmende geur. Een bui nadert, grijze strepen in de lucht en het wordt opeens koud. Het meest westelijke stukje van het vaste land van Groot-Brittannië laten we rechts liggen. We gaan direct door naar de haven. Geen warm welkom hier. Ook dit voelt weer als het eind van de wereld. In de luwte van een muurtje maken we een soepje. In de verte horen we de boot al aankomen tuffen. Een kleine oude bak met een vriendelijke controleur en een warme kajuit. In driekwartier brengt de boot ons naar Tobermory. Een dorpje met gekeurde huisjes rond een baai vol bootjes op het eiland Mull. Dit eiland voelt een stuk drukker dan de vaste wal waar we vandaan komen.

Over Mull gaat het verder over (veelal) singletrackroads. We fietsen langs de oostkust en hebben uitzicht over de Sound of Mull. Vegen over het water van de wind, alsof Bob Ross aan het verven is geweest. Langs de kust halfvergane schepen, rotsen en zeewier van een kust bij eb. In Craignure halen we precies de boot naar Oban. Hier zijn we weer echt in de bewoonde wereld. Een levendig stadje met veel ferry’s en een stationnetje. Het haventje stroomt leeg bij eb en dan hangen de boten op halfzeven aan de kade of liggen op hun zij op het strandje. De Caledonian MacBrayne naar Mull tuft vrolijk heen en weer. Na een portie Fish en Chips lopen we in het avondzonnetje naar onze B&B.

Van dag tot dag
Dag 1: Port of Tyne – Newcastle – Edinburgh, 25 km en trein (Morton Hall Caravan & campingpark)
Dag 2: Edinburgh – Kinross, 56 km (Gallowhill Farm Camping & Caravan Park)
Dag 3: Kinross – Comrie, 53 km (Comrie Croft)
Dag 4: Comrie – Aberfeldy, 52 km (Aberfeldy Caravan Park)
Dag 5: Aberfeldy – Rannoch Station – Fort William, 65 km en trein (Glen Nevis)
Dag 6: Fort William – Resipole, 55 km en pont (Resipole Holiday Park)
Dag 7: Resipole – Kinlochan – Tobermory, 40 km en boot (Tobermory Campsite)
Dag 8: Tobermory – Oban, 38 km en boot (B&B Dana Villa)
Dag 9: Oban – Carlisle, trein

Totaal: 384 km

Hierna namen we de trein naar Carlisle en fietsen we langs de Hadrians Wall, lees hier verder.


Bike route 2,184,970 - powered by Www.bikemap.net

2 opmerkingen:

  1. Hoi allen,

    Leuk avontuur. krijg er zelf zin in.
    Volgende week (de week daarna uiterlijk) wil ik er zelf even tussen uit 15 dagen.
    Dit avontuur lijkt me wel wat. Maar ik lees dat het een MTB parcours is?
    Ikzelf reis met een Koga 'randonneur' en een fietskar gevuld met fotografische materiaal...
    Het weer neem ik zoals het komt, maar uit ervaring weet ik dat ik niet graag 'loop' te sukkelen op een MTB pad. Maar jullie hadden een kleine passagier bij dus ik vermoed dat alles al bij al nog meevalt?
    Mvg
    Daniel

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Hoi Daniël,

    De wegen zijn gewoon verhard, dus prima te doen met een randonneur. Hoogteverschillen kom je wel tegen, dus een goed paar versnellingen en benen heb je wel nodig. Veel plezier het is erg mooi daar, juist ook in de lente.

    Groet,
    Claar

    BeantwoordenVerwijderen